Vaartips

WWW.VAARBEWIJS.NL

VOORUIT
Eerst stuurwiel in de juiste richting draaien dan rustig gas in de vooruit.

ACHTERUIT
Rustig gas in de achteruit. Wacht totdat het schip achteruit begint te varen, dan pas het stuurwiel in de juiste richting draaien.

KEREN
Voor het keren zo weinig mogelijk snelheid hebben.
Stuurwiel zo snel en zoveel mogelijk in de juiste richting draaien, dan pas gas in de vooruit.

AANLEGGEN
1. Stootwillen uit.

2. Lang van te voren vaart uit het schip halen.

3. In strakke koers van 35° naar de ligplaats.

4. Bepaal de snelheid door naar de zijkant op de wal te kijken.
Ongeveer 20 meter voor de ligplaats gas in de vrijstand zetten.

5. Vlak vóór de kant de kop van het schip héél snel van de kant afsturen.
Eventueel heel even gas in de vooruit, zodat de kop sneller reageert.

6. Niet meer aan het stuurwiel komen.
Achteruitslaan.
Naar de zijkant op de kade kijken, totdat het schip ten opzichte van de kade helemaal stilligt, dan snel in de vrij zetten.
Blijf nog een tijdje naar de zijkant kijken om te contoleren of het schip stil blijft liggen.
Zonodig corrigeren door héél kort vóór of achteruit te slaan.

7. Als eerste vastmaken waar de wind of stroom vandaan komt.

Komt de wind of stroom van voren dan als eerste de voortros vastmaken.

Komt de wind of stroom van achteren dan als eerste de achtertros vastmaken.

Komt de wind van de wal (hoger wal) dan als eerste de voorspring vastmaken.

WEGVAREN TUSSEN TWEE SCHEPEN
1. In de vrij. Stuurwiel volledig richting kant draaien.

2. Voorzichtig in de vooruit. Kop draait naar de kant.

3. Rustig achteruitslaan.
Stuurwiel laten staan.
Schip komt evenwijdig aan de kant.
Deze actie zonodig een paar keer herhalen totdat het schip ver genoeg van de kant ligt.

4. Uiteindelijk voorzichtig vooruit wegvaren. Goed naar het achterschip kijken i.v.m. uitzwaaien.

Behouden vaart toegewenst,
Laurens Leeuwenberg info@vaarbewijs.nl 06 54 24 27 75